Waar komen Terschellingse cranberries vandaan?

Misschien wel het meest gebruikte natuurlijke geneesmiddel onder de gemiddelde Nederlander, cranberry. Oftewel: veenbes. Veel Nederlanders grijpen bij blaasontsteking eerst naar een fles cranberry sap voordat ze aan de antibiotica gaan. Ikzelf gebruik het in combinatie met Guldenroede tinctuur (‘Solidago’). De effectiviteit van cranberries bij blaasontsteking mag wellicht wijd en zijd bekend zijn, in Nederland werd traditioneel Solidago gebruikt, lang voordat het bestaan van cranberries hier überhaupt bekend was. Cranberries zijn namelijk geen inheemse soort, maar dat maakt het natuurlijk niet minder effectief.

Gouden tijden voor Terschellingse strandjutters

Heb je zelf wel eens geprobeerd om cranberries in een gerecht te verwerken? Ze zijn erg zuur en vrij hard en er gaat een proces aan vooraf om ze lekker te laten smaken: langdurig koken, suiker, kaneel, kruidnagel toevoegen (scroll naar beneden voor recept)… Maar dan heb je ook een heerlijke jam, of saus bij gevogelte. Je ziet het er niet aan af. Dus toen een groep Terschellingse strandjutters in 1839 een hele scheepslading aan gestrande cranberries (voor hen toe nog onbekend) aan de kust aantrof waren zij niet bepaald onder de indruk. Bij het zien van de vaten hoopten zij wijn of druiven aan te treffen, maar kwamen bedrogen uit, en uit teleurstelling dumpten ze die enorme hoeveelheid cranberries met vat en al in de duinen. Maar wat bleek? De besjes hadden het wel naar hun zin op Terschelling. Cranberries zijn afkomstig van Lepeltjesheide en die doet het over het algemeen beter in veengrond, maar de grondwater stand in Terschelling was destijds blijkbaar hoog genoeg en daar houdt het plantje houdt boven alles erg van natte voetjes. Binnen een paar jaar hadden de zaden in de vruchten wortel geschoten en de Lepeltjesheide (‘Vaccinium macrocarpon‘) verspreidde zich al snel over de valleien van het eiland.

‘Kraan-beere’

De in Terschelling aangespoelde cranberries waren afkomstig van een Amerikaans schip dat in 1839 in de Waddenzee was gezonken. De vaten met cranberries waren niet voor de handel bedoeld, maar als EHBO kruid bij scheurbuik en als conserveringsmiddel voor de proviand. Het hoge gehalte aan antioxidanten en vitamine C in cranberries maakte het zeer gunstig voor de lichamelijke en mentale toestand van de bemanning. Deze kennis was afkomstig van inheemse volkeren aan de Oost-kust van de Verenigde Staten en Canada, die al eeuwenlang gebruik maakten van cranberries als natuurlijk remedie. De Algonquin Indianen gebruiken cranberry om het gif uit pijlwonden te halen, bij blaasontsteking en als rode grondstof voor het verven van kleding en tapijten. Toen Nederlandse kolonisten in de 18e eeuw in aanraking kwamen met het traditionele gebruik van dit besje raakten zij geïnteresseerd in de effectiviteit en gingen er verder onderzoek naar doen. De geneeskrachtige werking bij scheurbuik werd ontdekt en al gauw werd het een zeer gewild kruid in de Amerikaanse scheepvaart. Duitse kolonisten gaven het de naam ‘Kraan-beere‘ (kraan-bes), omdat de bloem van lepeltjesheide op de snavel van een kraanvogel lijkt. Later is dit in het Engels verbasterd naar ‘cranberry’.

Botanisch onderzoek

In Europa zelf bleef het bestaan van cranberry echter onbekend, maar dat maakt de onvoorziene ontmoeting met cranberry in Nederland des te sensationeler. Zoals ik al zei had de Terschellingse bevolking in eerste instantie geen idee welke schat er zomaar was aangespoeld. Pas in 1868, bija 30 jaar later, werd de veenbes aan botanisch onderzoek onderworpen. De botanicus Franciscus Holkema schreef zijn afstudeerscriptie over onbekende gewassen op de Nederlandse eilanden in de Noordzee (de Afsluitdijk bestond toen nog niet) en ontdekte de Lepeltjesheide in vele valleien van Terschelling. Onbekend met dit specifieke gewas ging hij met veel enthousiasme aan de slag, maar helaas overleed Holkema kort daarop aan TBC, voor hij zijn onderzoek af kon maken. Desalniettemin was de teerling geworpen, in academische kring brak men zich het hoofd waar deze soort toch ineens vandaan was gekomen en hoe het zich zo snel had verspreid. Heide groeit namelijk van oorsprong niet op duingrond, maar op veengrond. De lokale bevolking zag het circus nog steeds met lede ogen aan, in die tijd was men zeer voorzichtig met onbekende planten, uit angst voor vergiftiging. Dit laatste zou overigens mede een rol hebben gespeeld bij de enorme verspreiding van Lepeltjesheide op Terschelling, die decennia lang compleet met rust is gelaten. Hierdoor ontstond een zichzelf in stand houdend ecosysteem. Daarnaast is cranberry een zeer goed weerstandsverhogend kruid, en dat zie je terug in de groeiwijze; het is een doorzetter!

In Nederland een beschermde soort

De houding van de lokale bevolking veranderde al gauw toen een Drenthse ondernemer genaamd Borgesius helemaal naar Terschelling kwam om de plant te halen en in de Drenthse veengrond voor productie te stekken. De Terschellingers werden nieuwsgierig en ontdekten dat de besjes van ‘hun’ Lepeltjesheide eetbaar waren en over grote geneeskracht beschikten. Het ging bovendien om een zeer uniek soort. Er ontstond een lokale run op de besjes tijdens oogsttijd in de herfst, bestiert door de lokale gemeenten. In 1910 nam Staatsbosbeheer het toezicht over de cranberries daarom over en gaf de pluk in pacht van eilander ondernemers. Tot op de dag van vandaag is de Nederlandse cranberry beschermd en ondernemers moeten zich houden aan strikte regelgeving om het ecologisch habitat in stand te houden. En dat is nog een hele uitdagende taak, Lepeltjesheide houdt van natte voeten. Massa-productie is dan ook vrijwel onmogelijk en de meeste cranberries die wij aan het vaste land in de herfst en winter in de winkels kunnen kopen is niet van de eilanden afkomstig. Het grootste deel wordt geïmporteerd uit Amerika, waar de cranberry oorspronkelijk vandaan komt.

Foto afkomstig van VVV Terschelling

Recept voor kruidige Cranberry jam

Regelmatig last van blaasontsteking en geen zin om weer het zure sap van rauwe cranberries te drinken? Maak dan eens deze feestelijke en geurige cranberry jam, niet te vaak natuurlijk want er gaat behoorlijk wat suiker in om het zure te maskeren. Of gewoon voor de lekker, als laagje in een chocolade taart, of op een scone, of een lepeltje in je yoghurt. Enjoy!

Wat heb je nodig?

400 gram verse cranberries

350 gram basterdsuiker of honing

1 stokje kaneel

1 anijssterretje

3 kruidnagels

het sap van 3 sinaasappels (ong. 250ml sap)

Zo maak je het:

  1. Doe de cranberries eerst een paar dagen in de vriezer, dit maakt ze iets zoeter
  2. Haal de cranberries uit de vriezer en laat ontdooien
  3. Doe de cranberries in een pan met het sinaasappelsap, kaneelstokje, kruidnagels en steranijs en breng zachtjes aan de kook.
  4. Laat het geheel koken tot alle cranberries uit elkaar vallen en er een gladde brei ontstaat, meestal gebeurt dit na 8 tot 10 minuten koken.
  5. Voeg de suiker toe en laat opnieuw 8 tot 10 minuten zachtjes pruttelen.
  6. Haal van de kook en laat even afkoelen
  7. Voeg de jam toe aan een schone en droge pot en zet in de koelkast. De jam blijft een aantal weken goed (mits gekoeld).

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *