Wat maakt natuurlijke verzorgingsproducten daadwerkelijk natuurlijk?

“Meuk-vrije” cosmetica en verzorgingsproducten, op basis van 100% natuurlijke en biologische ingrediënten… Je hoort en leest het steeds vaker en er is vraag naar. Heel veel vraag. Zelfs grotere spelers zijn al een aantal jaar geleden begonnen met het aanspreken van deze markt door ecologische alternatieven op hun standaard lijn aan producten te bieden. Sinds ik Kruidengeneeskunde studeer ben ik me steeds meer gaan verdiepen in producten van ‘natuurlijke’ en ‘botanische’ oorsprong. Wat maakt een product nou echt meuk-vrij? Dat blijkt namelijk nog best een uitdaging te zijn.

Wat zijn ‘botanicals’ en waarom zou je daarvoor kiezen?

Botanische verzorgingsproducten bestaan uit krachtige extracten van verse of gedroogde plantendelen. Veel planten bevatten allerlei heilzame eigenschappen voor het bestrijden van ziektes, maar ze kunnen ook preventief worden ingezet om ons lichaam te ondersteunen en op te bouwen. Zo kan je planten ook prima inzetten in producten die goed zijn voor huid en haar. Veel planten bevatten mineralen die goed zijn voor het aanmaken en herstellen van huidweefsel, anderen zijn weer meer voedend en hydraterend en weer anderen beschikken over anti-inflammatoire of anti-bacteriële eigenschappen (met name planten die rijk zijn aan anti-oxidanten).

Veel bedrijven die gebruik maken van planten in hun verzorgingsproducten doen dat in een gedroogde poedervorm. Het nadeel daarvan is dat de plant veel sneller haar geneeskracht verliest en de natuurlijke samenstelling van de plant verloren gaat.

Bedenk je maar eens zo: planten zijn organismen op zichzelf, zij beschikken over mineralen, anti-oxidanten, slijmstoffen, vitaminen, glycosiden, etherische olie etc. om zichzelf te beschermen en om bijen en andere insecten aan te trekken en kwaadaardige indringers buiten te sluiten. De verhouding tussen de verschillende inhoudsstoffen moet dus wel perfect in balans zijn om het gewenste resultaat te bereiken. Zo is het ook als wij mensen van de heilzame werking van planten willen genieten, hoe dichter bij de oorspronkelijke samenstelling van de plant we blijven, hoe beter het is voor onze gezondheid. Een poeder heeft niks weg van een volwaardige plant, en de effecten ervan zijn er dan ook naar. Bij het verwerken van de plant tot botanisch eindproduct wil je de plant idealiter daarom zo lang en zo veel als maar mogelijk in tact houden, en daarom kies ik voor een extract van volwaardige plantendelen als hoofdbestanddeel voor botanische verzorgingsproducten. Afhankelijk van waar de geneeskracht geconcentreerd is: de bloemen (inclusief kelk), het blad, de wortel, de zaden, de vruchten en/of de steel.

Huisgemaakte Propoliszalf van Propolis tinctuur, Calendula extract op basis van Amandelolie, Bijenwas, Cacaoboter en Vitamine E.

Waarom veel cosmetica bedrijven toch voor ingrediënten van synthetische oorsprong kiezen:

Er zijn talloze redenen waarom producenten van verzorgingsproducten niet voor ingrediënten van plantaardige oorsprong zouden kiezen. Het is namelijk duur en arbeidsintensief. Daarnaast speelt er nog een andere uitdaging: de stabiliteit van de ingrediënten in het eindproduct. Volgens de Europese wetgeving op cosmetica en verzorgingsproducten moet het eindproduct aan bepaalde standaarden voldoen. Zo moet elk potje, elk flesje en elke tube van hetzelfde product telkens exact dezelfde verhouding aan inhoudsstoffen bevatten en moeten conserveringsmiddelen zijn toegevoegd om die ratio met het verloop van tijd niet te doen veranderen. Daarnaast heb je vaak ook nog eens bindmiddelen nodig om de ingrediënten qua consistentie met elkaar te laten communiceren en klonter of schiften te voorkomen.

Botanische grondstoffen ‘standaardiseren’

Botanisch materiaal is niet of nauwelijks te standaardiseren. Zo kan een Driekleurig viooltje (Viola tricolor) (erg fijn bij droge huid en eczeem) in de vroege zomer een andere verhouding aan inhoudsstoffen bevatten dan een maand later, en zo zijn de verschillen tussen een viooltje dat in de duinen groeit versus een viooltje dat tussen andere geneeskrachtige planten in een kruidentuin staat misschien nog wel veel groter. Daarnaast zijn planten erg kieskeurig over hoe en in welke draagstoffen zij hun specifieke inhoudsstoffen afgeven, sommige inhoudsstoffen worden beter afgegeven in alcohol dan in vette olie en vice versa. Veel planten, met name planten die rijk zijn aan saponinen, slijmstoffen en bitterstoffen, geven hun heilzame werking het beste af in water. Water is fantastisch voor de huid, want het wordt goed opgenomen en het hydrateert de opperhuid.

Maar water is ook enorm bederfelijk (kruidenextracten op basis van water kan je maximaal 7 dagen in de koelkast bewaren) en water mengt niet met olie en olie heb je meestal nodig om het de bestanddelen te verwerken tot een volwaardige crème, lotion of body butter. Tot slot zijn verse plantendelen zelf ook bederfelijk, met name als ze veel slijmstoffen bevatten. En laten slijmstoffen nou precies zeer heilzaam zijn voor de huid…

Hoe kan je dat nou ondervangen? Ik heb de verschillende opties eens goed afwogen, maar eigenlijk is het eenduidige antwoord: tijd. Je kan bovenstaande uitdagingen alleen ondervangen als je de tijd neemt. Om het risico op bederven te beperken kan je de kruiden van jouw keuze eerst grondig drogen, zodat al het water verdampt en er geen kans op rans of schimmel ontstaat. Het drogingsproces is voor ieder type plant weer anders en kan naar gelang de inhoudsstoffen 2 tot 6 weken duren. Daarna moet het nog minimaal 4 weken in de olie trekken. Verse plantendelen en hun geneeskracht kan je eventueel oplossen in alcohol of glycerine, maar ook dat kost bij elkaar alweer 4 weken, liefst langer. Planten die hun geneeskracht in water afgeven doen dat relatief snel (al dan niet droog of vers), maar daar heb je weer het bijkomende uitdaging dat water snel bederft en zal je conserveringsmiddelen toe moeten voegen. Misschien is dat laatste nog wel de meest efficiënte optie, maar kan je het dan nog een natuurlijk verzorgingsproduct noemen?

Een ‘parfum’ roller op basis van een biologische Amandel(draag)olie en etherische olie van Scharlei (Clary Sage/Salvia Sclarea)

Natuurlijke conserverings- en bindmiddelen

Er zijn dus meestal conserveringsmiddelen nodig om de stabiliteit van een botanisch verzorgingsmiddel op langere termijn te garanderen. Maar bestaan er wel natuurlijke conserveringsmiddelen?

Veel eco-merken promoten hun shampoo’s en douchegels met teksten als “Free from parabens!” en “Free from sulfates!”. Parabenen en sulfaten zorgen er respectievelijk voor dat bacteriën worden gedood en vetzuren worden afgebroken. Het zijn synthetisch verkregen conserveringsmiddelen (sulfaten zorgen er overigens ook voor dat je shampoo gaat schuimen) die schadelijk kunnen zijn voor lichaamseigen bacteriën en het zuurgehalte van huid en haar. Je haar en huid kunnen er bijvoorbeeld ontzettend van uitdrogen, en dat wil je niet als je al een gevoelige (hoofd)huid hebt. Er zijn gelukkig wel degelijk natuurlijke alternatieven die de pH waarde van je huid en haar in tact laten, denk aan Kaliumsorbaat (gewonnen uit kalizouten) of Geraniol/Benzyl Alcohol (gewonnen uit de etherische olie van bloemen). Vaak is het wel zo dat natuurlijke conserveringsmiddelen afzonderlijk OF schimmeldodend OF antibacterieel werken, dus ze worden vaak gecombineerd gebruikt om stabiliteit te garanderen en in aanmerking te komen voor een kwaliteits-keurmerk.

Bindmiddelen zijn een ander verhaal en het heeft me even gekost om het te begrijpen. Had ik nou maar beter opgelet tijdens mijn Scheikunde lessen op de middelbare school!

Bindmiddelen zorgen voor de ‘fluffiness’ van body butters en het crème- achtige karakter van een lotion of moisturizer. Voor deze textuur heb je zowel een olie als een boter nodig, maar ook water, en die gaan op den duur schiften. De chemische samenstellingen van water en olie communiceren niet met elkaar, daarvoor heb je dus dat bindmiddel nodig. Bindmiddelen zijn het lijm waardoor water en olie zich met elkaar verbinden, en van oudsher werden daar in de cosmetica met name petrochemicaliën voor gebruikt.

Petrochemicaliën zijn de chemische producten die door raffinage uit aardolie worden verkregen, vaseline is daar een voorbeeld van. Er zijn substanties uit rauw en koudgeperst plantenmateriaal die zich onder de juiste condities als wax- achtig bindmiddel gaan gedragen en geen chemicaliën of synthetische oplosmiddelen bevatten, maar het resultaat daarvan is niet altijd betrouwbaar en op den duur kunnen olie en water alsnog van elkaar gaan scheiden. Veel producenten kiezen daarom nog steeds voor petrochemicaliën als bindmiddel en kunnen hun product desondanks als 100% natuurlijk verkopen. Hoe komt dat?…. Dat komt omdat fossiele brandstoffen eigenlijk ook te herleiden zijn tot plantenmateriaal, al zij het middels een chemisch proces verkregen.

Kortom, de definitie van ‘natuurlijk’ is niet juridisch vastgelegd, zelfs niet door kwaliteits- instanties zoals Ecocert. Volgens EU richtlijnen op cosmetica is het veel belangrijker dat de artikelen die hier over de toonbank gaan veilig en stabiel zijn, en dat zorgt ervoor dat we met de beste bedoelingen (soms helaas zonder het te weten) toch ‘meuk’ op onze huid smeren. Ikzelf zit er niet zo mee als er een aantal sporen van chemicaliën in mijn crème zitten, sommige giftige planten veroorzaken veel heftiger huidirritatie dan door EU-wetgeving goedgekeurde chemicaliën. Ik ga ervan uit dat de meeste eco-merken oprecht hun best doen om hun producten zo meuk-vrij mogelijk te maken. Maar kan je het echt 100% natuurlijk noemen? Nee, eigenlijk niet. Het is wat het is: een verzorgingsproduct.

Alternatieven uit grootmoeders’ apotheek

Misschien zijn we wel zo verwend geraakt aan al die heerlijk schuimende shampoos en de penetrante geuren van de synthetische parfums in lotions dat we eigenlijk niet meer terug willen naar 100% natuurlijk. Klanten zijn kritisch, en cosmetica merken proberen aan de wensen te voldoen. Maar als je het mij vraagt is het allemaal niet zo nodig. Onze voorouders hadden geen laboratoria en gebruikten alleen wat voorhanden was, maar mijns inziens deed het niet af aan de effectiviteit.

Cosmetica zijn letterlijk zo oud als de weg naar Rome. In het oude Egypte maakten ze al gebruik van olijfolie, bijenwas en propolis. De producten die ik zelf maak en gebruik grijpen terug op die basale principes en ik noem het ‘slow cosmetics’.

Wat zijn slow cosmetics? Dat zijn botanische huid- en haarproducten op basis van kruiden en traditionele technieken; een ambacht waar tijd, aandacht en liefde in gaat zitten. We weten allemaal dat tijd geld kost en dat maakt slow cosmetics dan ook niet rendabel genoeg voor grote bedrijven om ermee aan de haal te gaan. Ik maak mijn natuurlijke verzorgingsproducten daarom zelf, en houd het simpel. Water is een onstabiele factor en mijns inziens helemaal niet nodig om mijn huid alsnog van de nodige voeding te voorzien.

Sterker nog, het is bewezen dat olie en vetten beter kunnen doordringen tot de diepere lagen van de huid dan water dat kan (vanwege de fijnmazige structuur van de moleculen in olie). Het enige wat je dus echt nodig hebt is een kruiden extract op basis van een biologische en koudgeperste olie en bijenwas, zeer stabiele ingrediënten, mits je de tijd neemt om je kruiden goed te drogen. Wil je het iets zachter maken dan voeg je er Sheaboter of Cacaoboter aan toe. Wil je de houdbaarheid nog meer verhogen? Dan voeg je er Vitamine E aan toe. Wil je de werking van een kruid toevoegen die niet oplost in olie? Dan voeg je er een alcoholisch extract of hydrolaat aan toe.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *